Het begon allemaal met Bologna. Europa wil een transparant hoger onderwijs. De diploma’s vermelden dan in alle landen de graden ‘bachelor’ of ‘master’. Deze graden moeten dan ook nog eens hetzelfde gaan betekenen. Dit alles dient de mobiliteit van studenten en docenten in deze Europese onderwijsruimte te stimuleren en te vergemakkelijken.
De Vlaamse Minister van Onderwijs heeft aan een hoog tempo een nieuwe regelgeving ingevoerd om dit te ondersteunen. In eerste instantie is er het structuurdecreet dat twee dingen regelt: namelijk de omvorming van de bestaande opleidingen naar de bachelor-masterstructuur en het ontstaan van de associaties. Verder zijn er een aantal aanbouwdecreten die de praktische realisatie van de voorgenomen omvormingen en de werking van de associaties mogelijk maken (flexibiliseringsdecreet, participatiedecreet, decreet op de lerarenopleiding).
Als hogeschool is het onze belangrijkste bekommernis om de huidige studiekiezers met de grootste zorg te omringen. We willen hen niet laten verdrinken in een moeras van informatie. Daarom proberen we de informatie tot de essentie te beperken en up-to-date te houden. Omdat de veranderingen zich zo snel opvolgen is dat geen gemakkelijke opdracht.
Associaties
Het structuurdecreet spoorde de universiteiten en hogescholen aan zich te verenigen in associaties. Het doel is vooral de verschillende soorten hoger onderwijs - zowel van de hogescholen als van de universiteiten – beter op elkaar af te stemmen. Heel belangrijk daarbij is de academisering van tweecyclusopleidingen van de hogescholen (voor XIOS: de opleidingen tot industrieel ingenieur). Dit betekent dat deze opleidingen aanzienlijk meer aandacht gaan besteden aan wetenschappelijk onderzoek en dat dit dus een belangrijk deel zal uitmaken van hun onderwijs. Die academisering gebeurt in samenwerking met de universitaire partner in de associatie. Bovendien moeten er flexibele overgangen (trajecten) uitgebouwd worden tussen de opleidingen van de verschillende partners van de associatie.
De XIOS Hogeschool Limburg werd partner in de ‘Associatie Universiteit-Hogescholen Limburg’ (AUHL). Voor haar tweecycliopleidingen (ingenieursopleidingen) werkt zij nauw samen met de Universiteit Hasselt / transnationale Universiteit Limburg.
Voor de overgangen tussen de verschillende opleidingen binnen de associatie werd door de AUHL een trajectenplan uitgewerkt.
Bachelor-masterstructuur
Kenmerkend voor de bachelor-masterstructuur is de tweeledigheid. Na het behalen van een diploma secundair onderwijs kan je rechtstreeks inschrijven voor een bachelorsopleiding. Voor het behalen van de bachelorgraad besteed je normaal gezien 3 jaar aan je studies (180 studiepunten). Een mastergraad behaal je na één jaar (60 studiepunten) of voor sommige opleidingen na 2 jaar (120 studiepunten). Een mastersopleiding is enkel toegankelijk voor wie reeds een bachelorgraad bezit.
* Professionele bachelorsopleidingen (de vroegere opleidingen van één cyclus van de hogeschool) leiden studenten in drie jaar op voor de arbeidsmarkt. Het zijn opleidingen met een eigen beroepsgerichte finaliteit. Het is in een aantal gevallen mogelijk om na het volgen van een schakelprogramma door te stromen naar een master (zie verder).
* Academische bachelorsopleidingen beogen, eveneens in drie jaar tijd, de vorming van de student in een domein van de wetenschappen (binnen XIOS: industriële wetenschappen) of de kunsten. Primair doel is doorstromen naar een master. Volgens Europese maatstaven moet je er bovendien mee aan het werk kunnen. Binnen XIOS komen de academische bachelors in de plaats van de twee kandidatuursjaren industrieel ingenieur. Dit betekent dat het kandidatuursprogramma grondig werd hertekend. Er komt niet zomaar een jaartje bij. Wel spreken we van een nieuw concept van 180 studiepunten of 3 studiejaren.
* Mastersopleidingen beogen een gevorderde vorming in een domein van de wetenschappen (binnen XIOS: industriële wetenschappen) of de kunsten, inclusief het zelfstandig kunnen uitvoeren van onderzoek. Mastersopleidingen sluiten rechtsreeks aan op academische bachelorsopleidingen. De mastersopleidingen van XIOS omvatten 60 studiepunten of één studiejaar en vervangen de vroegere twee ingenieursjaren. De totale studieduur verandert dus niet. Voor elke academische bachelorsopleiding bieden we minstens één master aan waartoe je als student rechtstreekse toegang hebt. Daarnaast kun je ook tot andere mastersopleidingen toegelaten worden. Hiervoor moet je wel een voorbereidingsprogramma volgen. De omvang hiervan kan sterk verschillen maar leidt niet noodzakelijk tot een bijkomend studiejaar. Soms kan dit door het masterjaar uit te breiden met 15 studiepunten. Wie na het behalen van de graad van professionele bachelor toch nog verder wil studeren en zich wil bekwamen in het onderzoek kan via een schakelprogramma doorstromen naar een academische master. De omvang van dit schakelprogramma varieert van 45 tot 90 studiepunten. Dit betekent dat de student gemiddeld één extra jaar moet rekenen om zijn competenties in het domein van de wetenschappen (of kunsten) en zijn competenties als beginnend onderzoeker op het niveau te brengen van een academische bachelor.
* ‘Master na master’ en ‘bachelor na bachelor’: Dit zijn opleidingen die je kan volgen nadat je reeds een diploma hebt behaald.
* Doctoraat: Na een mastersopleiding kan je eveneens doctoreren aan het LUC in de studiedomeinen toegepaste economische wetenschappen, verkeerskunde, wetenschappen, biomedische wetenschappen en geneeskunde. Ook kan je doctoreren aan een andere universiteit.
Studieaanbod 2005-2006
Met de invoering van de bachelor-masterstructuur verleent XIOS de graden van bachelor en master. De bestaande opleidingen werden omgevormd. Van de gelegenheid werd gebruik gemaakt om opleidingen een andere naam te geven of om opties om te vormen tot zelfstandige opleidingen. Voor het overige worden de vroegere opties nu afstudeerrichtingen. Voortgezette opleidingen werden omgevormd tot een ‘master’, een ‘master na master’ of een ‘bachelor na bachelor’. Het resterende postinitieel onderwijs van beperkte omvang (minimum 20 studiepunten) werd gegroepeerd onder de naam ‘postgraduaten’. Daarnaast biedt XIOS verschillende bij- en nascholingen aan.
Studievoortgang
Het flexibiliseringsdecreet, dat volledig in werking treedt vanaf het academiejaar 2005-2006, legt de grondslag voor een nieuwe aanpak inzake ‘studievoortgang’. Het decreet maakt het mogelijk om opleidingsprogramma’s modulair op te bouwen en te werken aan een flexibel hoger onderwijs. Voor studenten betekent dit een soepelere overstap van de ene opleiding naar de andere. Ook wordt het makkelijker voor wie verder wil studeren na het behalen van een graad. Bovendien krijgen studenten de mogelijkheid niet steeds voltijds te studeren, maar de omvang van hun programma op maat te kiezen naargelang de persoonlijke situatie (bijvoorbeeld werken en studeren combineren).
Er zijn twee belangrijke nieuwigheden:
In eerste instantie behaal je voortaan credits per opleidingsonderdeel. Daarnaast heb je als student twee examenkansen per inschrijving per opleidingsonderdeel. Dit betekent dat een student die aantoont dat hij de competenties voor een bepaald opleidingsonderdeel beheerst en dus minstens een 10/20 scoorde, de credits voor dit opleidingsonderdeel definitief verworven heeft voor deze opleiding (kan na 5 jaar aan een actualiteitsonderzoek onderworpen worden), ongeacht de examenperiode of het academiejaar.
Bovendien vervaagt het begrip studiejaar. Er blijven wel modeltrajecten behouden. Een student die inschrijft voor een opleiding van 180 studiepunten (bv. bachelor) doorloopt deze studie in dit geval in drie reeksen van elk 60 studiepunten. Zo een reeks van 60 studiepunten omvat maximaal 12 opleidingsonderdelen. Daarnaast krijgen studenten de mogelijkheid om zich in te schrijven voor afzonderlijke opleidingsonderdelen en op eigen tempo credits verzamelen. Wanneer iemand alle credits van een bepaalde opleiding verworven heeft zal hij zich kunnen laten registeren voor het behalen van een graad.
Dit vraagt van de hogescholen een heel andere aanpak.
Voor elk opleidingsonderdeel moet duidelijk worden omschreven welke competenties hiermee beoogd worden. Bovendien moet het examenreglement grondig worden herschreven met het oog op het verwerven van credits, combineerbaar tot het behalen van een graad. Daarnaast ontstaat de noodzaak om de studievordering van de student te bewaken. Naast de massa aan kansen die de student krijgt door dit flexibiliseringsdecreet, ontstaan ook een aantal valkuilen. Studenten krijgen in principe de mogelijkheid om op eigen tempo te studeren. Dit biedt zeker voordelen voor een aantal studenten, maar mag geen aanleiding zijn tot onnodig uitstelgedrag en studieduurverlenging. Daarom is het een bijkomende opdracht voor de hogescholen en universiteiten om de student intens te begeleiden bij zijn studievorderingen en bij zijn tussentijdse keuzes (trajectbegeleiding).
Aanpak van de XIOS Hogeschool Limburg
We hebben binnen de XIOS Hogeschool Limburg gekozen voor een toekomstgerichte aanpak. Daarom hebben we de volgende stappen ondernomen:
-
In alle opleidingsprofielen zijn de competenties (vaardigheden, kennis, houdingen) omschreven die verworven zijn bij het behalen van de graad van bachelor of master.
-
Deze profielen werden op deskundige wijze vertaald in opleidingsprogramma’s, waarbij duidelijk verwezen wordt naar de competenties.
-
De keuze van de werkvormen, leermiddelen en evaluatiemethoden vormt een samenhangend geheel.
-
De opleidingsprogramma’s worden modulair opgebouwd.
-
Alle opleidingen worden zowel voltijds als halftijds aangeboden.
-
De organisatie van het academiejaar is gericht op het studiecomfort van de student (een gelijkmatige spreiding van de studielast, zinvolle combinatie van opleidingsonderdelen in modules …).
-
Vooral in het eerste studiejaar wordt dse studievordering van de student intens begeleid en structureel aangepakt. We voorzien hier drie examenmomenten: één voor de kerstvakantie, één voor de paasvakantie en één voor de zomervakantie. Vooral in het begin van het academiejaar wordt werk gemaakt van bijsturing en eventueel heroriëntering.
-
Het flexibiliseringsdecreet voorziet dat credits worden toegekend vanaf 10/20.
|